Op deze pagina
Klachten
Bij epilepsie, of in de volksmond vallende ziekte, treden bepaalde typen aanvallen op die hun oorsprong vinden in de hersenen. Epilepsie is een verzamelnaam van stoornissen gepaard gaande met in aanvallen optredende verschijnselen.
Epilepsie kan aangeboren zijn, maar kan ook op eender welk moment in het leven optreden. Ongeveer 1 persoon op 150 in België lijdt aan de ziekte.
Tijdens een epilepsieaanval ontstaat een storing van de elektrische hersenactiviteit waarbij een kortsluiting met ongecontroleerde uitbreiding van elektrische activiteit optreedt. Deze storing kan veralgemeend optreden of beperkt blijven tot een bepaald hersengebied en zich al dan niet van daaruit uitbreiden.
Dikwijls heeft epilepsie een genetische aanleg. Maar soms is de aandoening het gevolg van een beschadiging van de hersenschors door littekenweefsel als gevolg van een infectie, hersenvliesontsteking, een ongeval met hersenletsel, een CVA of beroerte. Of ten gevolge van een hersenoperatie, vaatmisvormingen in de hersenen, hersentumoren, aangeboren afwijkingen van de hersenen of stofwisselingsstoornissen.
Er bestaan verschillende vormen van epilepsie. Net zoals de aanvallen van persoon tot persoon verschillen, verschilt ook de invloed die een aanval heeft op een persoon en zijn omgeving
Veralgemeende aanval
Tonisch-clonische epilepsie of grand mal
De meest bekende en meest dramatische epilepsieaanval, alsook de meest frequente vorm van epilepsie, is de gegeneraliseerde toeval. Alle hersencellen worden dan plots door de elektrische ontladingen geprikkeld. De aanval begint met een tonische fase, wat maakt dat het hele lichaam verstijft en de persoon valt. Door samentrekking van de borstspieren wordt de lucht uit de longen naar buiten geperst wat een gil of schreeuw kan veroorzaken. Door het aanspannen van de kaakspieren kan de tong geklemd raken tussen de tanden en door de tongbeet kan bloed uit de mond lopen. Dan volgt de clonische fase. Door het afwisselend verslappen en aanspannen van de spieren, treden ongecontroleerde schokkende bewegingen op over het hele lichaam. De ademhaling komt weer hortend op gang. Geleidelijk nemen de schokken af en nemen de perioden van verslapping toe tot het lichaam volledig ontspannen is. Er kan tevens onvrijwillig urineverlies optreden.
Absences of petit mal
Een andere vorm van een epilepsieaanval uit zich door een zeer kortdurend bewustzijnsverlies, zonder verlies van spiercontrole. Vaak is wat dromerig staren het enige uiterlijke teken van een absence, soms gepaard gaande met knipperen van de oogleden. De persoon kan nadien gewoon verder gaan met zijn activiteiten en is er zich vaak niet van bewust dat een aanval plaatsgevonden heeft. Absences komen vooral voor tijdens de kinderjaren. Zij kunnen gemakkelijk verward worden met dromen en onoplettendheid. Het spreekt voor zich dat schoolprestaties hieronder kunnen lijden.
Partiële epilepsie
Bij een partiële epilepsie doet de elektrische ontlading zich plaatselijk voor met verschijnselen die horen bij het desbetreffende hersendeel. Dit kan van arm- of beentrekkingen gaan tot draaien van het hoofd naar een kant, horen van geluiden of zelfs muziek, ruiken van bepaalde geuren, ... Het bewustzijn blijft bewaard. Een dergelijke aanval kan daarna weer overgaan, maar kan ook uitbreiden naar een veralgemeende aanval.
Partieel complexe aanval
Deze epilepsieaanval kenmerkt zich door een bewustzijnsstoornis zonder enige herinnering achteraf. Meestal uit een dergelijke epilepsieaanval zich door bewegingsautomatisme, stereotype bewegingen zoals smakkende mondbewegingen, friemelen met de handen, ... De aanval uit zich in plotseling optredende episoden met psychische stoornissen. Iemand kan bijvoorbeeld automatische handelingen verrichten zonder zich hiervan bewust te zijn, kan gaan dwalen of zwerven zonder zich achteraf iets te herinneren.
Behandeling
Ongeacht voor welke behandeling gekozen wordt, blijft een goede en gezonde levenswijze evenzeer essentieel voor een optimaal resultaat. Dit betekent een goede nachtrust respecteren, het stipt en volgens doktersvoorschrift innemen van medicatie, regelmatig leven en alcoholverbruik vermijden.
Medicatie
Behandeling van epilepsie bestaat in de eerste plaats uit anti-epileptica aangepast aan de vorm van de epilepsie. Deze medicatie onderdrukt de epileptische activiteit in de hersenen. Vaak lukt het met medicatie om min of meer aanvalvrij te blijven.
Er bestaan vele verschillende medicijnen om aanvallen onder controle te houden. De keuze hangt af van de vorm van epilepsie, van het soort aanvallen en van de individuele medische situatie van de patiënt.
Chirurgische ingreep
Bij een tumor, vaatmisvorming of littekenvorming in de hersenen is medicatie soms onvoldoende. In dit geval kan men beslissen tot een chirurgische ingreep. Naargelang de onderliggende oorzaak gebeurt er dan nauwgezet onderzoek met beeldvorming, EEG, videoregistratie, om het te opereren gebied zo goed mogelijk af te lijnen en de ingreep te plannen.