Percutane transluminele angioplastie (PTA)
Op deze pagina
Doel Voorbereiding Verloop Nazorg Aandachtspunten Resultaten
Wanneer er een vernauwing (stenose) of verstopping (occlusie) van de slagaders optreedt, geraakt er minder zuurstofrijk bloed tot in de benen. Tijdens het wandelen stijgt de zuurstofbehoefte van de spieren. Door de verminderde bloedtoevoer ontstaat er een zuurstoftekort, wat leidt tot pijnklachten zoals een stekende pijn, krampend of zwaar gevoel in de benen. Deze klachten verdwijnen doorgaans wanneer men stilstaat, omdat de zuurstofbehoefte dan daalt. De term ‘etalagebenen’ (claudicatio intermittens) verwijst naar het frequent stoppen tijdens het wandelen. Het lijkt of u stopt om elke etalage te bekijken.
In een beginnend stadium treden de klachten enkel op bij fysieke inspanning. Naarmate de aandoening vordert, kan de pijn ook in rust voorkomen. Een slechte doorbloeding kan bovendien leiden tot een vertraagde wondgenezing of chronische wonden aan de benen of voeten. Een niet-genezende of verergerende wonde kan dus een teken zijn van ernstig vaatlijden.
De belangrijkste oorzaak van vernauwing van deze slagaders is slagaderverkalking (atherosclerose). Dit wordt veroorzaakt door factoren zoals roken, hoge bloeddruk, diabetes of een hoog cholesterolgehalte, erfelijke aanleg of leeftijd. Dit proces vindt niet alleen plaats in de slagaders van de benen, maar kan ook in andere slagaders voorkomen. Als u etalagebenen hebt, is de kans dus groot dat slagadervernauwing ook aanwezig zijn ter hoogte van de halsslagaders en de kransslagaders in het hart. Daarom screenen we op deze vernauwingen en behandelen we ze indien nodig, omdat ze anders kunnen leiden tot een beroerte of een hartinfarct.
Doel
Behandelmogelijkheden
Afhankelijk van de ernst van uw klachten, zijn er verschillende mogelijke behandelingen of combinaties van behandelingen: wandeltherapie, controle van de risicofactoren, een endovasculaire ingreep: percutane ballondilatatie/stenting (PTA) of een klassieke operatieve ingreep (een overbruggingsoperatie of een liesendarterectomie).
- Percutane transluminale angioplastie (PTA):
Deze procedure gebeurt onder plaatselijke of algemene verdoving. Hierbij wordt de slagader ter hoogte van de lies aangeprikt en wordt een sheath (buisje) opgeschoven in de slagader. Door een contraststof te injecteren maken we röntgenbeelden (angiografie) om de vernauwing in de slagader te lokaliseren. Vervolgens wordt een ballon gebruikt om de vernauwing open te rekken. Wanneer het bloedvat onvoldoende opent of de neiging heeft om snel weer te vernauwen, wordt een stent geplaatst die het bloedvat openhoudt. Na de behandeling worden de sheat verwijderd. De prikplaats op de slagader wordt afgesloten met een plug of door middel van manuele compressie. Nadien wordt een drukverband aangelegd om het risico op een nabloeding te verminderen.
- Open operatie:
Indien een PTA niet mogelijk is (bvb. als de vernauwing zo uitgesproken is dat het bloedvat over een lange afstand verstopt is, kan gekozen worden voor een klassieke operatie. Dit gebeurt onder algemene anesthesie. Uw behandelend chirurg informeert u altijd uitgebreid over de voor- en nadelen van de behandelingsopties:Liesplastie: Een liesplastie is een operatie waarbij de vernauwde slagader in de lies wordt vrijgelegd, afgeklemd en opengemaakt. Vervolgens wordt de vernauwing (plaque) verwijderd en wordt het bloedvat gesloten met een stukje kunststof (patch/verwijdingsplastie).Bypass: Een bypass is een een operatie waarbij middels een kunststofprothese of een lichaamseigen ader een overbrugging aangelegd wordt die het bloed rondom de vernauwde slagader leidt.
Soms wordt een klassieke operatie gecombineerd met een ballondilatatie.
Mogelijke complicaties
Geen enkele ingreep is vrij van het risico op complicaties. Zo zijn ook bij deze operatie de normale risico’s op complicaties van een operatie aanwezig zoals wondinfectie, nabloedingen, trombose, longembolie, longontsteking en hartinfarct.
(Na)bloeding of pseudo-aneurysma thv de punctieplaats waarvoor soms een een heringreep noodzakelijk is.Het is mogelijk dat met een PTA de vernauwing niet opengerekt kan worden of de verstopping niet opengemaakt kan worden. In dat geval zal samen met uw arts bekeken worden of een heelkundige behandeling dan noodzakelijk wordt, of dat er verder een conservatieve houding kan worden aangenomen.Embolisatie: dit ontstaat wanneer tijdens of na de behandeling kleine stukjes plaque, bloedstolsels of ander materiaal losraken uit de behandelde slagader. Deze deeltjes kunnen met de bloedstroom meegaan en verderop kleinere slagaders verstoppen. Dit kan leiden tot verminderde doorbloeding en mogelijk weefselbeschadiging.Perforatie of scheuren van het bloedvat: het bloedvat kan tijdens de behandeling per ongeluk beschadigd raken of scheuren door een ballon of katheter. Dit kan leiden tot bloedingen en vereist soms extra behandeling, zoals het plaatsen van een stent of een operatie.Allergische reactie op het contrastmiddel.Achteruitgang van de nierfunctie.
Voorbereiding
Afhankelijk van uw medische voorgeschiedenis, wordt u verwezen naar de preoperatieve raadpleging anesthesie of uw huisarts voor het uitvoeren van preopatieve onderzoeken (bloedname en ECG).
Neem de volgende dingen mee op de dag van de ingreep:
IdentiteitskaartDocumenten voor arbeidsongeschiktheid (indien van toepassing)Documenten aanvullende hospitalisatieverzekering (indien van toepassing)Ingevulde preoperatieve vragenlijst en informed consent (krijgt u tijdens de raadpleging)Resultaten van eventuele onderzoeken van uw huisarts
U moet nuchter zijn:
Niet eten of drinken tot minimaal 6 uur voor de ingreep.
Vooraf zal de behandelende arts met u bespreken of u bepaalde medicatie moet stoppen voor de operatie. Vermeldt steeds als u bloedverdunnende medicatie neemt, zodat deze medicatie zo nodig tijdig kan gestopt worden en eventueel tijdelijk kan vervangen worden door andere medicatie.
Geef aan indien u allergisch bent voor contrastvloeistof! Met aangepaste medicatie kan de ingreep alsnog plaatsvinden.
Als u nierinsufficiëntie hebt, dienen we voor en na de ingreep een vochtinfuus toe om uw nieren maximaal te beschermen.
Verloop
U meldt zich op tijd aan met uw elektronische identiteitskaart of eID in de inschrijvingskiosk. Het exacte uur van opname wordt de werkdag voor de ingreep of opname voor niervoorbereiding telefonisch meegedeeld door onze opnamedienst.De operatie gebeurt onder lokale of algemene anesthesie en duurt gemiddeld 1-2 uur.Na de ingreep blijft u even in de ontwaakruimte voordat u naar de afdeling vaatheelkunde getransfereerd wordt.Na de operatie wordt een drukverband thv de punctieplaats in de lies aangelegd. U dient absolute bedrust aan te houden tot de ochtend na de ingreep. Vooraleer u uit bed mag, controleert uw behandelend arts de aangeprikte lies. Indien er zich geen problemen stellen, mag u daags na de ingreep het ziekenhuis verlaten.Bij je ontslag uit het ziekenhuis krijgt je een afspraak mee voor een controleraadpleging, een brief voor de huisarts en een medicatieschema.
Nazorg
Houd rekening met de volgende aandachtspunten om het resultaat van de ingreep te optimaliseren en uw comfort te verhogen:
- Wondzorg:
Inspecteer dagelijks de punctieplaats op tekenen van infectie (zoals roodheid) of zwelling. Douchen is toegestaan na 24 uur met aangepaste verbanden, maar vermijd het gebruik van een bad of zwembad gedurende 2 weken.
- Beweging
:Vermijd tillen van zware voorwerpen (zwaarder dan 5 kg) en intensieve lichamelijke inspanning gedurende 2 weken. Er wordt aangeraden niet te fietsen gedurende 2 weken.
- Medicatie
:In geval van pijn kunt u zo nodig tot maximaal 4 keer per dag 1000 mg Paracetamol (Dafalgan®) innemen. In het medicatieschema worden altijd één of meerdere bloedverdunners en een cholesterolverlagend middel opgenomen. Het is belangrijk dat je je medicijnen inneemt volgens het voorgeschreven schema. Indien u reeds voor de operatie bloedverdunnende medicatie nam, zullen deze enkele dagen na de ingreep herstart worden. Bespreek dit met uw arts om het risico op bloedingen te beperken.
- Levenstijlaanpassingen:
Rookstop indien van toepassing. Eet gezond en gevarieerd, met zo min mogelijk zout en vet. Beweeg regelmatig. Zorg voor een gezond gewicht en probeer dit ook te behouden. Laat uw bloeddruk en cholesterol regelmatig controleren bij de huisarts.
Vragen
Bij eventuele problemen of indien u zich ongerust maakt over een bepaalde klacht, kan u contact op nemen met:
Uw huisartsUw behandelende chirurg via het secretariaat van de dienst vaat- en thoraxheelkunde: 02 257 53 52
Neem zeker contact op met uw arts als u:
Roodheid of zwelling ervaart bij de punctieplaats.Koorts heeft boven de 38,5°C.Een plotse pijnlijk, bleek verkleurd en koud been ervaart.